Nieuw. En al 300 jaar ervaring.

Slijtage van het polsgewricht na een gebroken pols bij ouderen (DART II studie)

Onderzoek in het kort

Procedure:
• Deelnemers aan de DART studie worden na afloop gevraagd om ook mee te doen aan de DART II studie

• Extra belasting (ten opzichte van standaard zorg):
• Deelnemers komen 2 keer extra terug (2 jaar en 5 jaar na de breuk)
• Vragenlijsten: 2 jaar en 5 jaar na de breuk (±30 minuten per keer), 2,5 jaar, 3 jaar, 3,5 jaar, 4 jaar en 4,5 jaar na de breuk (±10 minuten per keer)
• Beeldvorming: 2 keer een röntgenfoto en 1 keer een CT scan van beide polsen

Wat willen we onderzoeken?

Met welke behandeling slijtage van de pols het best voorkomen wordt na een gebroken pols waarbij de breuklijn door het gewricht loopt, bij patiënten van 65 jaar op ouder.

Het is bekend dat na een gebroken pols sneller slijtage van het polsgewricht kan ontstaan. Dit noemen we artrose. Het kan ontstaan binnen 1 tot 5 jaar na de val. Het risico op artrose van het polsgewricht is groter bij patiënten ouder dan 65 jaar bij wie de breuklijn door het polsgewricht loopt. 

Artrose kan leiden tot pijnklachten en een slechtere functie van de pols. Met de behandeling van de breuk willen we ook zo goed mogelijk voorkómen dat er artrose zal ontstaan. Maar we weten nog niet wat de beste behandeling hiervoor is: een operatie of gips. De DART studie onderzoekt wat voor de korte termijn de beste behandeling is voor dit type breuk. De DART II studie is een vervolg op die DART studie. In de DART II studie kijken we naar de mate van artrose van uw polsgewricht en hoeveel klachten u daarvan ervaart.

Waarom is dit onderzoek belangrijk?

Wanneer we weten of één van de twee behandelingen beter werkt om artrose te voorkomen, kunnen we patiënten in de toekomst beter behandelen. Ook krijgen we een beter beeld van de andere lange termijn resultaten van de behandelingen. En welke kosten beide behandelingen met zich meebrengen.

Hoeveel deelnemers zijn er nodig?

Het onderzoek is opgezet door het Reinier de Graaf ziekenhuis in Delft. Alle patiënten die meegedaan hebben aan de DART studie worden benaderd om mee te doen aan deze vervolgstudie. In totaal zijn er 126 deelnemers nodig.

Wat houdt meedoen in?

Als u meedoet aan dit onderzoek komt u 2 keer extra naar het ziekenhuis: 2 jaar en 5 jaar na de breuk. Deze bezoeken kunnen in het Reinier de Graaf Ziekenhuis in Delft zijn, of in het ziekenhuis waar u in het verleden bent behandeld voor de gebroken pols. 

U krijgt op die momenten een röntgenfoto en een CT-scan van beide polsen. We meten de beweeglijkheid van de pols en u krijgt vragenlijsten die gaan over klachten van uw polsen.

Daarnaast ontvangt u tussentijds ieder half jaar 2 vragenlijsten over uw algemene gezondheid en over de kosten die u gemaakt heeft door klachten van de pols. Deze ontvangt u digitaal per e-mail of per post.

Contactpersonen

  • Onderzoek coördinator: Nicole de Esch
  • Onderzoeker: Nina Mathijssen
  • Lokale hoofdonderzoeker: Gerald Kraan, hand/pols orthopeed
  • Onderzoek@rhoc.nl
  • 079 – 206 55 95

Meer informatie

Volledige titel van het onderzoek:

‘DART II. Posttraumatische artrose van de pols in ouderen met een gedisloceerde intra-articulaire

distale radius fractuur. Een vervolgstudie op de DART trial’

Engelse titel van het onderzoek:

‘DART II: Post-traumatic osteoarthritis in elderly patients with displaced intra-articular distal radius fractures.

A follow-up study on the DART trial’

Dit onderzoek is geregistreerd op www.trialregister.nl, onder nummer NL7308.

Contact

Let op

U kunt alleen bij ons Orthopedisch Centrum terecht met een doorverwijzing van uw huisarts of specialist.